
Wet op het onderwijstoezicht
Artikel 24 Raad van advies inzake de inspectie
1
Er is een Raad van advies inzake de inspectie die tot taak heeft de inspectie bij te staan in de waarborging van een zorgvuldige en professionele uitoefening van het toezicht. De raad adviseert de inspecteur-generaal onderscheidenlijk het hoofd inspectie gevraagd en ongevraagd over de kwaliteit van de uitoefening van het toezicht, in het bijzonder over de uitvoering van de artikelen 13 en 22.
2
De raad bestaat uit drie leden, die worden benoemd en ontslagen door Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap na overleg met Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. De benoeming geschiedt voor de tijd van ten hoogste vier jaar. De leden kiezen uit hun midden een voorzitter.
3
De voorzitter en leden zijn afzonderlijk of gezamenlijk deskundig op het gebied van onderwijs, kwaliteitszorg en toezicht.
4
De raad bepaalt zijn eigen werkwijze.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
- Geen resultaten gevonden voor de door u opgegeven zoek termen.